In een uitspraak van 26 februari 2026 oordeelde de rechtbank Amsterdam dat een werknemer, die jarenlang vanuit India was gedetacheerd bij een Nederlandse dochtermaatschappij, uiteindelijk een arbeidsovereenkomst met die Nederlandse onderneming heeft gekregen. De uitspraak laat zien dat onder bepaalde feiten en omstandigheden langdurige detachering kan overgaan in een arbeidsovereenkomst met de onderneming waar de werknemer oorspronkelijk was gedetacheerd.
De feiten
De werknemer was in dienst bij een Indiase werkgever, Tata Ltd. Hij werkte sinds 2015 bij de Nederlandse dochtermaatschappij van hetzelfde concern, Tata NL. De detachering was oorspronkelijk bedoeld als tijdelijk, maar werd meerdere keren verlengd. Uiteindelijk werkte de werknemer meer dan tien jaar in Nederland.
Na afloop van de laatste detacheringsovereenkomst op 27 januari 2023 bleef de werknemer zijn werkzaamheden in Nederland voor Tata NL uitvoeren. Hij kreeg nog steeds opdrachten en instructies van Tata NL en legde ook uitsluitend aan Tata NL verantwoording af. De laatste opdracht van de werknemer liep op 30 juni 2025 af. Op 5 september 2025 deelde Tata Limited de werknemer mee dat de detacheringsovereenkomst eindigde en dat hij terug moest keren naar India.
De werknemer stelde dat er inmiddels sprake was van een arbeidsovereenkomst met Tata NL en vorderde onder meer doorbetaling van loon via de rechter.
Oordeel van de kantonrechter
De kantonrechter stelde dat Tata NL gedurende de detachering in ieder geval economisch werkgever was van de werknemer op basis van de inleenovereenkomst tussen Tata NL en Tata Limited. Maar – zo vroeg de kanonrechter zich af – was Tata NL inmiddels niet ook feitelijk de juridisch werkgever van de werknemer geworden? Of dit zo was, moest volgens de kantonrechter worden beoordeeld aan de hand van alle feiten en omstandigheden van het geval.
Op grond van die feiten en omstandigheden oordeelde de kantonrechter dat de detacheringsovereenkomst tussen de werknemer en Tata Limited al op 27 januari 2023 was geëindigd. De werknemer was daarna echter gewoon blijven doorwerken voor Tata NL, kreeg zijn opdrachten van Tata NL, was volledig ingebed in de organisatie van Tata NL, werkte zij aan zij met zijn collega’s van Tata NL en werd door Tata NL betaald. De kantonrechter oordeelt dat Tata NL in ieder geval vanaf die datum ook feitelijk de juridische werkgever van werknemer was geworden. De werknemer had immers ook na 27 januari 2023 onder het gezag van Tata NL, tegen loon, gedurende zekere tijd arbeid voor Tata NL verricht.
De conclusie van de kantonrechter is dat vanaf 27 januari 2023 een arbeidsovereenkomst bestaat tussen werknemer en Tata NL. De opzegging op 5 september 2025 door Tata Limited van de niet-verlengde detacheringsovereenkomst geldt niet als opzegging van de inmiddels tussen Tata NL en werknemer ontstane arbeidsoverkomst. Die overeenkomst loopt dus onverkort door en het salaris dient te worden doorbetaald zoals dat sinds het einde van de detacheringsovereenkomst door Tata NL aan de werknemer is betaald.
Conclusie
Deze uitspraak laat zien dat onder bepaalde feiten en omstandigheden een langdurige detachering van een werknemer kan overgaan in een arbeidsovereenkomst met de inlener, wanneer een gedetacheerde werknemer langdurig onder het gezag van de inlener, tegen loon, gedurende zekere tijd arbeid voor de inlener blijft verrichten en daarmee dus feitelijk volledig geïntegreerd raakt in de organisatie van de inlener.
Is deze situatie die voor jou herkenbaar? Of heb je andere vragen over detachering, (internationaal) arbeidsrecht of een dreigend ontslagconflict? Neem gerust (vrijblijvend) contact op met de advocaten van Ko & Co Advocaten.
Hian Li Ko | Ko & Co Advocaten





